Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4113.
De litigieuze, op de Wet van 31 oktober 1924 gebaseerde, vijfjarige verjaring is, zoals gezegd, niet op één lijn te stellen met de vijfjarige verjaring van art. 3:310 lid 1; zij beoogt immers in de eerste plaats de rechtszekerheid te dienen en bij de wetgever heeft destijds niet de bedoeling voorgezeten te voorkomen dat de vordering zou verjaren zonder dat de schuldeiser haar niet geldend had kunnen maken. Bovendien is in casu geen sprake van een "niet kunnen geldend maken" van de vordering als bedoeld in zojuist genoemd arrest van 23 oktober 1998.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e, en de alinea staat in dat document op bytes 32607 tot 33177.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f2a6f41721a7caed50975a6fa118a7fa159f2e408e8fdd3847b45a7ae716cd5e | shasum -a 256