Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000
Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4278.
Hiermee strookt dat ook de - naar oud recht door de rechtspraak al steeds verder teruggedrongen - valsheidsprocedure uit de wet is geschrapt. In art. 186 lid 2 Rv is thans een regel van bewijslastverdeling neergelegd met betrekking tot de echtheid van de ondertekening van een onderhandse akte. (Het bewijs van) de echtheid van de boven de handtekening geplaatste tekst is bewust niet specifiek geregeld, zodat hierop de hoofdregel van art. 177 Rv van toepassing is. Deze nieuwe regeling heeft voorwerp uitgemaakt van parlementair debat. De vaste kamercommissie stelde voor het tweede lid van art. 186 te laten vervallen omdat ook handtekeningkwesties beter in de vrije bewijssfeer van art. 177 Rv kunnen worden opgelost. De minister heeft dit voorstel niet gevolgd:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd, en de alinea staat in dat document op bytes 19577 tot 20356.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd | shasum -a 256