Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4278.
"Tenslotte moet wat het schriftelijk bewijs betreft gewezen worden op de opmerking in de MvT dat met het schrappen van de artikelen 176 e.v. Rv (oud) ook de voorschriften verdwenen zijn met een beroep waarop de zgn. formele bewijskracht van onderhandse akten, het wettelijk vermoeden dat wat er boven de handtekening staat ook zó ondertekend is en niet later buiten voorkennis van de ondertekenaar is toegevoegd, werd verdedigd. In het nieuwe bewijsrecht zal de rechter aan de hand van de omstandigheden van het geval, bijvoorbeeld het uiterlijk van de akte, kunnen oordelen of dit vermoeden al dan niet gerechtvaardigd is. (...)"
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd, en de alinea staat in dat document op bytes 25904 tot 26549.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/aebf26ecbef6169c0dec2a8c532e9562a66c9571454c36f12fefbef4d5f128cd | shasum -a 256