Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2000

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4438.

2.5 Onderdeel (a) is terecht voorgesteld. De rechtbank heeft het verrekeningsverweer van [huurder] immers inderdaad alleen beoordeeld aan de hand van de vraag, of de op geldleen gebaseerde tegenvordering van [huurder] uit dezelfde rechtsverhouding voortvloeit als de op [verhuurder] overgegane vordering uit huur. Daarmee heeft zij een essentieel verweer onbesproken gelaten, nu [huurder] in elk geval bij pleidooi in hoger beroep - maar overigens ook al in eerste instantie4 - mede had aangevoerd, dat haar op geldleen gebaseerde tegenvordering al voor de overgang van (de vordering uit) huur op [verhuurder], is ontstaan en opeisbaar geworden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6ed59b2add27ab721053ed34c440ffe788152e19205ea9a1f92eaaece2d6a38a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6ed59b2add27ab721053ed34c440ffe788152e19205ea9a1f92eaaece2d6a38a, en de alinea staat in dat document op bytes 16157 tot 16816.