Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2000

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4575.

In deze zaak ging het om een DNA-onderzoek waarmee gemiddeld een bedrag tussen de vier- en vijfhonderd gulden is gemoeid. In een andere zaak werden drie kostbaarder contra-expertises verzocht: onderzoek door een psycholoog naar een dysphatisch gebrek bij verdachte, onderzoek van vezelsporen en een onderzoek naar de kwaliteit van de politieverhoren van verdachte. Zeker in de laatste zaak zal het met de contra-expertises gemoeide bedrag niet ver afliggen van dat in de onderhavige zaak en is het financiële risico dat verzoeker zou lopen vergelijkbaar. Ook in de laatste zaak wees de Hoge Raad erop dat de regeling van art. 591 Sv in verband met art. 16 Wet tarieven in strafzaken niet in strijd is met het in het EVRM gewaarborgde recht op >gelijke wapenen= (HR 13 mei 1997, NJ 1998, 152 rov. 7.7.2.).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/31c679fb2f8a297c8bc845083619f59ab1b2c750947ae0061445758092814237. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 31c679fb2f8a297c8bc845083619f59ab1b2c750947ae0061445758092814237, en de alinea staat in dat document op bytes 12738 tot 13563.