Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000

Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4607.

2.2.4 Dit oordeel is feitelijk en niet onbegrijpelijk. De stelling van de vrouw dat haar vader was gestopt haar nog verder geld te lenen, hoefde het hof niet tot een ander oordeel te brengen. Met name mocht het hof aan de omstandigheid dat de alimentatiebijdrage voor de vrouw in de voorafgaande jaren niet voldoende was gebleken om geheel in haar levensonderhoud te voorzien, een vermoeden ontlenen dat die bijdrage ook in de toekomst niet geheel voldoende zou zijn, zodat de vrouw hoe dan ook enigszins zou moeten interen op haar vermogen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/814f42233e2976cfb2a5b4ac19f2028521111a4df89134d1537629eb313c65b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 814f42233e2976cfb2a5b4ac19f2028521111a4df89134d1537629eb313c65b7, en de alinea staat in dat document op bytes 22191 tot 22747.