Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000
Alinea 83 Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 januari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4618.
2.7 De President heeft aan zijn oordeel ten grondslag gelegd dat uit de opbouw van art. 6 van het Europees Sociaal Handvest (hierna ESH) volgt dat een staking als uiterste middel moet worden beschouwd nu in dat artikel "overleg, onderhandelingen, bemiddeling en collectieve actie" elkaar opvolgen. Een staking is slechts gerechtvaardigd als andere middelen om overeenstemming te bereiken - met name onderhandelingen - hebben gefaald. Hoewel de rechter terughoudendheid past, moet worden geoordeeld dat niet gezegd kan worden dat andere middelen hebben gefaald (rov. 4.2). De Bonden hebben, aldus de President, niet weersproken dat het met hen gevoerde overleg verkennend was. Mocht DE besluiten tot uitbesteding van de Detrex-activiteiten, dan kan zij de "eis van de Bonden" in haar besluitvorming betrekken (rov. 4.7). Volgens de President waren de gesprekken inventariserend bedoeld en waren zij niet gericht op het nu reeds bereiken van een bepaald onderhandelingsresultaat; men onderhandelt nu eenmaal niet over iets wanneer men over en weer niet weet waarover onderhandeld moet worden. Redelijkerwijs kan dan ook niet worden gezegd dat de onderhandelingen waren vastgelopen (rov. 4.8).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f644e8e79d53cac76a31ded6621f2537a139145064d260212c9e2d15a896b304. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f644e8e79d53cac76a31ded6621f2537a139145064d260212c9e2d15a896b304, en de alinea staat in dat document op bytes 22262 tot 23465.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f644e8e79d53cac76a31ded6621f2537a139145064d260212c9e2d15a896b304 | shasum -a 256