Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2000
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 februari 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA4749.
4.5. Het is mij overigens niet gelukt met zekerheid te achterhalen uit welke bron de rente stamt, waarvoor belanghebbende de deelnemingsvrijstelling claimt; de vorderingen uit hoofde van de leveringen, of de vordering welke op 4 oktober 1993 van de bank is overgenomen. De uitspraak van het Hof en de overige processtukken geven mijns inziens daarover geen uitsluitsel. Wel blijkt dat de Inspecteur heeft gesteld dat het leverancierscrediet renteloos was9, en heeft het Hof als een vaststaand feit aangemerkt dat de van de bank overgenomen vordering een rente van 6% droeg. Daartegenover staat echter dat belanghebbende ter zitting van het Hof heeft aangevoerd dat zij ter zake van de vorderingen op C SA uit hoofde van de leveringen wel degelijk rente heeft berekend.10
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dd36f798222af4fe98349c6e6d6cf36b838fbddbf1171adfab866eaa82433837. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dd36f798222af4fe98349c6e6d6cf36b838fbddbf1171adfab866eaa82433837, en de alinea staat in dat document op bytes 18928 tot 19712.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dd36f798222af4fe98349c6e6d6cf36b838fbddbf1171adfab866eaa82433837 | shasum -a 256