Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000
Alinea 34 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5201.
I. Het eerste middel keert zich in het bijzonder tegen de evenweergegeven passage “De desbetreffende posters openbaren immers geen gedachten of gevoelens van de verdachte zelf.” In de toelichting op het middel wordt aangevoerd dat het Hof heeft miskend dat art. 7 Grondwet niet slechts bescherming biedt wanneer een verspreider van drukwerken zijn eigen gedachten of gevoelens openbaart, maar tevens wanneer hij gedachten of gevoelens van een ander openbaart.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/17d3ffe8341d2b8dd4dc754443db7cfb479c709711e1d4ccc51f861d222e7190. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 17d3ffe8341d2b8dd4dc754443db7cfb479c709711e1d4ccc51f861d222e7190, en de alinea staat in dat document op bytes 11269 tot 11746.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/17d3ffe8341d2b8dd4dc754443db7cfb479c709711e1d4ccc51f861d222e7190 | shasum -a 256