Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5215.

“De rechtbank passeert -onder verwijzing naar hetgeen hiervoor onder 2.4.2 is overwogen- de stelling van de verdediging dat het feitencomplex dat aan het uitleveringsverzoek ten grondslag is gelegd, wat betreft het vermeende aandeel van de opgeëiste persoon daarin, hooguit kan leiden tot een veroordeling ter zake van collaboratie met een gewapende groepering. De rechtbank overweegt daarenboven dat blijkens de uitspraak van de Juzgado Central de Instrucción No. 4, Audiencia Nacional te Madrid d.d. 13 januari 1999 de feiten -indien zij komen vast te staan- naar Spaans recht te kwalificeren zijn als moord c.q. aanslag. De rechtbank heeft geen reden aan deze vaststelling te twijfelen, zodat ook deze stelling van de verdediging niet leidt tot de conclusie dat de onschuld van de opgeëiste persoon onverwijld is aangetoond. Voor zover de verdediging voor de onderbouwing van het onschuldverweer een beroep heeft gedaan op de vaste jurisprudentie van de Audiencia Nacional, ziet zij eraan voorbij dat de uitleveringsrechter niet kan treden in het -aan de Spaanse rechter voorbehouden- oordeel omtrent een aan bewezenverklaarde feiten te geven kwalificatie.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88, en de alinea staat in dat document op bytes 10513 tot 11694.