Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000
Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5215.
15. Niet juist lijkt mij evenwel de in de toelichting op het middel ontwikkelde stelling dat iedere aanwijzing dat de uit te leveren persoon in de verzoekende staat aantastingen van zijn grondrechten zal ondergaan een door de rechter vast te stellen grond voor ontoelaatbaarheid van die uitlevering oplevert, en dat het de rechter niet zou vrijstaan in dat verband beslissingsruimte aan de minister van Justitie te laten. Dat kan naar mijn inzicht ook niet uit HR NJ 1997, 533 en NJ 1997, 534 worden afgeleid.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88, en de alinea staat in dat document op bytes 22589 tot 23111.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88 | shasum -a 256