Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Alinea 73 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5215.

33. Deze klacht bouwt voort op een verweer dat is gevoerd ter zitting van 15 juni 1999. Aangevoerd werd dat de door de Spaanse autoriteiten aangeleverde Nederlandse tekst van stukken, onofficeel en door een kennelijk niet beëdigde vertaler opgesteld, niet begrijpelijk was, en dat het openbaar ministerie had nagelaten gevolg te geven aan een reeds eerder door de rechtbank gegeven opdracht bij de Spaanse autoriteiten na te gaan of de vertaling van stukken door een beëdigde vertaler was geschied, en zo neen, alsnog voor een beëdigde vertaling zorg te dragen. Aan die opdracht was, aldus de raadsman, niet voldaan omdat een Nederlandse beëdigde vertaler slechts 10 bladzijden van het uitleveringsverzoek opnieuw vertaald had. Ook ter zitting van 15 augustus 1999 is weer aangevoerd dat de overgelegde stukken ongenoegzaam zijn in verband met onjuiste en/of onvolledige vertaling.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88, en de alinea staat in dat document op bytes 45188 tot 46086.