Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Alinea 81 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5215.

Klaarblijkelijk heeft de rechtbank in haar tussenuitspraak van 29 juni 1999 voorts tot uitdrukking gebracht dat beginselen van een behoorlijke procesvoering noch de belangen van verzoeker zich er tegen verzetten te volstaan met de in het dossier aanwezige, krachtens het toepasselijke uitleveringsverdrag niet vereiste, Nederlandse vertalingen van stukken, nu een beëdigde vertaler die stukken nogmaals had nagezien en waar nodig van opmerkingen voorzien. Dat oordeel geeft geen blijk van miskenning van enige rechtsregel en is niet onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c63dcfba5643048294835faedf5e3aea5944ea40a4ee38550ffaa6b332c60f88, en de alinea staat in dat document op bytes 49684 tot 50246.