Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5515.

In haar verweerschrift in hoger beroep heeft de vrouw het hof primair verzocht de man in zijn beroep niet-ontvankelijk te verklaren, omdat het beroepschrift op 22 september 1998 ter griffie van het hof is ingekomen5. Volgens de vrouw was de appeltermijn van art. 806 lid 1 Rv op 15 september 1998 verlopen, aangezien de beschikking van de rechtbank op 14 juli 1998 door de griffier aan de man per post is verzonden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/796aaa6bb46adbf872563781db76dc210f3d3570e13732e7ca8830feac6e985a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 796aaa6bb46adbf872563781db76dc210f3d3570e13732e7ca8830feac6e985a, en de alinea staat in dat document op bytes 11096 tot 11525.