Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5519.

(ii) In 1982 aanvaardde de Hoge Raad2 echter op het voetspoor van de in de Amsterdamse rechtbank gegroeide praktijk3 dat "een geldvordering" (dus niet alleen (een voorschot op) een vordering tot schadevergoeding) in kort geding kan worden toegewezen hoewel "de gevorderde voorziening er in wezen toe strekt betaling te verkrijgen zonder dat omtrent de rechtspositie van pp. ten gronde een uitspraak is gedaan". Wel dient voldaan te zijn aan de voorwaarde van een spoedeisend belang. Voorts behoort belangenafweging plaats te vinden, waarbij met name aandacht moet worden besteed aan het restitutierisico. Ten slotte is - mede met het oog op dat risico - in het algemeen terughoudendheid op haar plaats, zodat de proceskansen in een bodemprocedure in de afweging moeten worden betrokken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0, en de alinea staat in dat document op bytes 11016 tot 11815.