Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5519.

2.12 Tegen deze achtergrond bespreek ik de subonderdelen 1.2 en 1.3 gemeenschappelijk. De lange aanloop die is genomen, stelt mij in staat die bespreking kort te houden. Het is zonneklaar dat het hof niet lijn-(a) heeft gevolgd. In plaats van te voldoen aan de "verzwaarde motiveringseisen" zoals verlangd door de Hoge Raad, heeft het B in tegendeel - juist overwogen dat een spoedeisend belang bij het gevraagde voorschot, in de gegeven omstandigheden niet nodig is. Ter motivering daarvan heeft het hof zich niet bediend van lijn-(b), maar heeft klaarblijkelijk één van de onder (c) besproken “shortcuts” toegepast.16 Nu de opvatting-Deurvorst m.i. niet aanvaardbaar is en tussen het gevraagde verbod en het daarnaast verlangde voorschot niet een nauwe samenhang bestaat als onder 2.11 bedoeld, heeft het hof naar het mij voorkomt hetzij van een onjuiste rechtsopvatting blijk gegeven, hetzij zijn oordeel onvoldoende gemotiveerd. Het bestreden arrest kan dus reeds op deze grond niet in stand blijven, tenzij de Hoge Raad zou oordelen dat het gevraagde voorschot op de vordering op zichzelf terecht is toegewezen. In dat geval zou hij, onder aanvaarding van de gedachte dat de marge voor het succesvol voeren van het onderhavige verweer omgekeerd evenredig is aan de hardheid van de vordering, die motivering zelf kunnen geven. Ik bespreek daarom ook de andere onderdelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0, en de alinea staat in dat document op bytes 20121 tot 21515.