Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Alinea 80 Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5519.

2.28 Art. 27a lid 1 Aw moet worden gelezen tegen de achtergrond van art. 6:104 BW, dat bij de invoering van art. 27a Aw nog niet was ingevoerd. Art. 6:104 BW is door de Hoge Raad restrictief uitgelegd.27 Indien in het geheel geen schade is geleden, is de weg naar toepassing van deze bepaling afgesneden. Voor gevallen waarin aannemelijk is dat schade is ontstaan, maar de omvang daarvan moeilijk kan worden aangetoond, terwijl de dader door zijn handelwijze winst heeft gemaakt, geeft art. 6:104 BW een dubbel vermoeden, namelijk (i) dat door de onrechtmatige daad of wanprestatie schade is veroorzaakt en (ii) dat die schade gelijk is aan de door de dader behaalde winst.28

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd27e64ce2a3e5931e98aa917f46ae2c4f3f46e8ccf666efa6654b9eef28a0d0, en de alinea staat in dat document op bytes 33262 tot 33951.