Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000
Alinea 122 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5590.
4.18 Het is m.i. niet onbegrijpelijk dat het Hof uit onder meer de vastaande feiten dat [de eigenaar van de watermolen] directeur/eigenaar was van de Oude Molen en dat de molen in bedrijf bleef, het vermoeden heeft geput dat [de eigenaar van de watermolen] tijdens de rioleringswerkzaamheden regelmatig in de Oude Molen aanwezig was. In zoverre is de klacht ongegrond.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e61a05509d181005c7011882ca2f9d6095a9db4917f63cafea3cd32bb18bd1c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e61a05509d181005c7011882ca2f9d6095a9db4917f63cafea3cd32bb18bd1c5, en de alinea staat in dat document op bytes 49283 tot 49664.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e61a05509d181005c7011882ca2f9d6095a9db4917f63cafea3cd32bb18bd1c5 | shasum -a 256