Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5590.

2.25 Ten aanzien van de eisen die aan de herstelde/nieuwe kademuur gesteld konden worden, persisteerden partijen bij hun eerder ingenomen standpunten: [de eigenaar van de watermolen] ging uit van een muur die "wederom aan zijn functie" kon beantwoorden; hij en de aannemer wisten niet hoeveel water er tijdens de werkzaamheden door de Molentak zou stromen. Volgens WZL had Plataz met het extra water door de Molentak rekening dienen te houden. De deskundigen verklaarden in dat kader dat àls met de extra hoeveelheid water rekening was gehouden enige vorm van bescherming van de rivierbodem aan de voet van de muur nodig was geweest (p.v. blz. 5).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e61a05509d181005c7011882ca2f9d6095a9db4917f63cafea3cd32bb18bd1c5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e61a05509d181005c7011882ca2f9d6095a9db4917f63cafea3cd32bb18bd1c5, en de alinea staat in dat document op bytes 25442 tot 26103.