Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5634.

"Bij de totstandkoming van het huidige artikel 3:310 BW heeft de wetgever echter overwogen dat de figuur van de verjaring naar zijn aard meebrengt dat eventuele onbillijkheden jegens degene die door de verjaring zijn rechtsvordering verliest op de koop toe genomen moeten worden omwille van de rechtszekerheid van een vaste verjaringstermijn.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6fbca4232102cc469fb59f639714270d99e3de2f7cfbc50a077172f85608a2fd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6fbca4232102cc469fb59f639714270d99e3de2f7cfbc50a077172f85608a2fd, en de alinea staat in dat document op bytes 13305 tot 13661.