Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5635.

8.3 De geëerde steller van het onderdeel heeft dit uiteraard onderkend. Daarom wordt betoogd dat de wetgever deze kwestie niet onder ogen zou hebben gezien. Dat moge juist zijn, daaraan kan niet de door het onderdeel bepleite slotsom worden verbonden. Om dat uit te leggen moet worden ingegaan op het knappe maar weerbarstige betoog van de s.t., waarbij ik er gemakshalve van uitga dat hetgeen daarin is verwoord kan worden gelezen in het onderdeel.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a855b8e055ac37f9a221f7f79c1e65d47f23056de4eb60ad960cf01811a14c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a855b8e055ac37f9a221f7f79c1e65d47f23056de4eb60ad960cf01811a14c7, en de alinea staat in dat document op bytes 38116 tot 38579.