Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Alinea 256 Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5635.

48 Zie mijn mon. Nieuw BW B 36 nr 51 in fine en over de gevolgen voor stuiting van samenhangende vorderingen HR 23 mei 1997, NJ 1997, 531 rov. 4.2 en HR 19 februari 1999, RvdW 1999, 39 rov. 3.5. Uiteraard moet de benadeelde wel van de (mogelijke) ziekte op de hoogte zijn om te kunnen stuiten of om een vordering als in de tekst bedoeld in te kunnen stellen. Praktisch gesproken zal zulks veelal aan stuiting of het instellen van zo'n vordering in de weg staan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a855b8e055ac37f9a221f7f79c1e65d47f23056de4eb60ad960cf01811a14c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a855b8e055ac37f9a221f7f79c1e65d47f23056de4eb60ad960cf01811a14c7, en de alinea staat in dat document op bytes 81393 tot 81867.