Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 april 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5673.

(c) Art. 1888 BW(oud) vereist dat een dading schriftelijk wordt aangegaan, aan welke eis kan worden voldaan door een proces-verbaal als bedoeld in art. 19 Rv. De in artikel 19 Rv. gestelde eis van ondertekening van het proces-verbaal strekt ertoe hetgeen daarin is opgenomen rechtens te doen vaststaan. Ondertekening is evenwel geen bestaansvereiste voor een dading. Instemming van partijen met een (in een proces-verbaal van een schikkingscomparitie opgenomen) dading kan ook op andere wijze worden bewezen (r.o. 4.6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8aacee804b76789813c0aab92fb3427a2c96a1c5e0ae28edc3820f6dc279e83d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8aacee804b76789813c0aab92fb3427a2c96a1c5e0ae28edc3820f6dc279e83d, en de alinea staat in dat document op bytes 11646 tot 12178.