Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2000

Alinea 175 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5676.

6.2. Wijst men die opvatting af, dan moet men art. 18 opvatten als een lex specialis (vgl. par. 3.11. van de conclusie van A-G van Soest voor HR 22 juli 1988, BNB 1989/2). De artikelen voor bestuurdersbeloningen (art. 16) en overheidspensioenen (art. 19) hebben eenzelfde functie. Betoogd wordt daarom wel dat art. 15 in feite een saldo-functie heeft.46 Dat is juist in die zin, dat in die opvatting onder de regels van art. 15 blijft vallen, hetgeen niet tevens onder de regels van de artt. 16, 18 en 19 kan worden gebracht. Wat niet onder een van die bijzondere regelingen valt, volgt de hoofdregel van art. 15. Dat geldt ook voor bij ontslag toegekende wachtgelden e.d. die niet soortgelijk zijn aan pensioen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a463d6a3b63425b2df9247d9f7b7ee7d97573a44fbbba6854fb3626214adfef2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a463d6a3b63425b2df9247d9f7b7ee7d97573a44fbbba6854fb3626214adfef2, en de alinea staat in dat document op bytes 56205 tot 56931.