Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2000
Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA5779.
7) Het cassatiemiddel, dat onder 1 en 2 slechts een inleiding bevat, betoogt onder 3 en 4 dat uit ‘s hofs beslissing niet blijkt dat het hof de kern van het verzoek in eerste instantie en verweer in tweede aanleg van ISCC onder ogen heeft gezien. Het hof, aldus het middel onder 4 en 5, lijkt zijn oordeelsvorming, ten onrechte, uitsluitend te baseren op de vraag of [verweerder 1] gebruik heeft gemaakt van de hem toekomende bindende adviesbevoegdheid terwijl ook de persoon van [verweerder 1], diens uitlatingen en gedachtegoed aan het doel van ISCC in de weg staan. Van (doorslaggevend) belang is niet of [verweerder 1] gebruik heeft gemaakt van zijn bevoegdheid maar of hij daartoe de mogelijkheid heeft, aldus het middel onder 5. Dat zou volgens het middel reeds meebrengen dat ISCC niet kan handelen conform haar statu-taire doelstellingen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f95bebd173f15c1d72df6fa349496bffbd177d2bd7171df00e7d758bea825be9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f95bebd173f15c1d72df6fa349496bffbd177d2bd7171df00e7d758bea825be9, en de alinea staat in dat document op bytes 12555 tot 13417.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f95bebd173f15c1d72df6fa349496bffbd177d2bd7171df00e7d758bea825be9 | shasum -a 256