Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000

Alinea 48 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6201.

4.1. Het Hof heeft op grond van de door hem vastgestelde feiten als vaststaand aangenomen dat “door tussenkomst van een bij B aangesloten aannemer” een overeenkomst tot stand komt tussen A en de koper (r.o. 5.1. Hof) die alle kenmerken heeft van een (schade)verzekeringsovereenkomst in de zin van art. 246 WvK. Het Hof overweegt daartoe (r.o. 5.2) dat A zich verbindt jegens de koper van een te bouwen woning tot vergoeding van schade die deze zou kunnen lijden indien de aannemer niet volgens de van toepassing zijnde garantieregeling presteert aan die koper; dat de aannemer (“kennelijk namens of in opdracht van de koper”, aldus het Hof) een provisie betaalt (de verzekeringspremie) aan B, en dat het door B afgegeven waarborgcertificaat fungeert als verzekeringspolis.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63f7615ff868fbaf4d32b2c368f12a5e88eda62601cd603c410a60b486a9be76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63f7615ff868fbaf4d32b2c368f12a5e88eda62601cd603c410a60b486a9be76, en de alinea staat in dat document op bytes 23093 tot 23887.