Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6201.
4.2. Het Hof lijkt in dit oordeel enerzijds B en A te vereenzelvigen en anderzijds de aannemer te zien als vertegenwoordiger van de koper. Het Hof gaat er immers van uit dat er een overeenkomst tot stand komt tussen de kopers en A “door tussenkomst van een (…) aannemer”, alsmede dat B de door de aannemer betaalde provisie geniet “als uitvoeringsorganisatie van A” (r.o. 5.1) c.q. “de facto als uitvoeringsorganisatie” (r.o. 5.4). Het Hof gaat er voorts van uit dat de aannemer de provisie aan B “kennelijk namens of in opdracht van de koper” betaalt (r.o. 5.2).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/63f7615ff868fbaf4d32b2c368f12a5e88eda62601cd603c410a60b486a9be76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 63f7615ff868fbaf4d32b2c368f12a5e88eda62601cd603c410a60b486a9be76, en de alinea staat in dat document op bytes 23895 tot 24490.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/63f7615ff868fbaf4d32b2c368f12a5e88eda62601cd603c410a60b486a9be76 | shasum -a 256