Citaat | Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2000
Alinea 33 Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 16 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6235.
2.7 Door de opheffing van het faillissement herleeft de bevoegdheid van de tot dat moment gefailleerde tot het voortzetten van gedingen en instellen van rechtsmiddelen (zie HR 13 oktober 1995, NJ 1996, 108). Opgemerkt moet wel worden dat ingevolge art. 2:19 lid 1 sub d BW een rechtspersoon wordt ontbonden na faillietverklaring door hetzij opheffing van het faillissement wegens de toestand des boedels, hetzij door insolventie. Lid 5 regelt echter dat de rechtspersoon na ontbinding blijft voortbestaan voor zover dit tot vereffening van zijn vermogen nodig is. Het voeren van een procedure ten name van de vennootschap is een dergelijke omstandigheid10.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8fd7b0da252390a2c0cf3f04369f6dcd91a00fa2905df2eeaa80e5332df92738. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8fd7b0da252390a2c0cf3f04369f6dcd91a00fa2905df2eeaa80e5332df92738, en de alinea staat in dat document op bytes 15857 tot 16527.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8fd7b0da252390a2c0cf3f04369f6dcd91a00fa2905df2eeaa80e5332df92738 | shasum -a 256