Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000
Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6337.
2.19. Wel kan reden tot zorg zijn dat rechterlijke colleges (niet: individuele rechters), die door een structureel tekort aan rechters te zeer moeten leunen op de inzet van rechters-plaatsvervanger, op den duur afhankelijk kunnen worden van de welwillende medewerking van die advocatenkantoren, welke toestaan dat hun advocaten in kantooruren als rechter-plaatsvervanger optreden. Zolang het nog niet zover is, kan het feit dat een college gebruik maakt van de incidentele inzet van advocaten/rechters-plaatsvervanger naar objectieve maatstaven de vrees voor een gebrek aan onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de leden van dat college niet rechtvaardigen. In elk geval heeft [eiser] op het vlak van een dergelijke structurele afhankelijkheid noch in feitelijke aanleg noch in cassatie klachten geuit.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbdfa8569871b4d1b6f5cd87eb0d9d8820a8ab4973e571ab381b3c2a79b8454f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbdfa8569871b4d1b6f5cd87eb0d9d8820a8ab4973e571ab381b3c2a79b8454f, en de alinea staat in dat document op bytes 33459 tot 34277.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbdfa8569871b4d1b6f5cd87eb0d9d8820a8ab4973e571ab381b3c2a79b8454f | shasum -a 256