Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000
Alinea 40 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6341.
2.19. Onderdeel 2 houdt in dat het hof miskent dat [de vriendin van de overleden man], ook al zou zij terecht als de testamentair erfgename beschouwd worden, te dezer zake niet zelf in rechte kan optreden omdat haar erfdeel onder bewind is gesteld. Onderdeel 3 sluit hierbij aan met een motiveringsklacht. In verband met de verdere afwikkeling van het geding blijft deze kwestie ook bij gegrondbevinding van onderdeel 1 van belang.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f85402e481587843eee6f3994ba261d9857d10c8eadb142656f36ef447559e1b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f85402e481587843eee6f3994ba261d9857d10c8eadb142656f36ef447559e1b, en de alinea staat in dat document op bytes 26777 tot 27221.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f85402e481587843eee6f3994ba261d9857d10c8eadb142656f36ef447559e1b | shasum -a 256