Citaat | Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000

Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 30 juni 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6345.

1.3. Eiseres is van het eindvonnis in hoger beroep gekomen bij het gerechtshof te ‘s-Gravenhage. Nadat zij van grieven had gediend en de Stichting daarop had geantwoord, hebben partijen hun zaak doen bepleiten ter terechtzitting van het hof. Bij die gelegenheid heeft de (nieuwe) advocaat van eiseres het hof verzocht de procedure te verwijzen naar een ander gerechtshof. Als grond voor dit verzoek werd aangevoerd dat de Stichting in feitelijke aanleg werd bijgestaan door een advocaat, die tevens rechter-plaatsvervanger in de rechtbank te ‘s-Gravenhage is, evenals vijf kantoorgenoten van hem, terwijl twee andere advocaten van hetzelfde advocatenkantoor raadsheer-plaatsvervanger in het gerechtshof te ‘s-Gravenhage zijn. Dit alles maakt volgens eiseres dat het hof en de rechtbank te ‘s-Gravenhage niet onpartijdig en onafhankelijk deze zaak kunnen beoordelen, althans dat de schijn is gewekt van gebrek aan onafhankelijkheid en onpartijdigheid2.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eee8695f0e21c53dfd50ff0c217085ddcbb4ba6a319ac4223a43314d915075bc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eee8695f0e21c53dfd50ff0c217085ddcbb4ba6a319ac4223a43314d915075bc, en de alinea staat in dat document op bytes 6196 tot 7168.