Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Alinea 17 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6375.

6. Ik kan mij overigens voorstellen dat in een geval als het onderhavige aan die stelling van de minister geen absoluut verbod tot verlenging wordt ontleend, gelet op het volgende. Bij op 11 maart 1999 ontvangen brief stelde zich als advocaat in de cassatieprocedure mr Bordewijk. Hem zijn in augustus 1999 stukken toegezonden blijkens de aantekening op de stelbrief. Mr Franken heeft zich vervolgens op 28 juli 1999 gesteld als advocaat van verdachte en meteen om toezending van stukken verzocht. Kennelijk heeft mr Franken de behandeling van mr Bordewijk overgenomen. Op 24 augustus 1999 blijkt de aanzegging van art.435 lid 1 Sv aan verdachte te zijn betekend. Aan de raadsman is een afschrift gezonden. De raadsman reageerde snel met een brief, die op 30 augustus 1999 bij de Hoge Raad is ontvangen, in welke brief hij attendeerde op het ontbreken van stukken. Blijkens de aantekening op deze brief zijn hem de ontbrekende stukken toegezonden op 21 oktober 1999, dus nog juist voordat de termijn van art.437 lid 2 Sv verstreek. Gelet op de late toezending van de ontbrekende stukken had misschien aan mr Franken alsnog een verlenging geboden kunnen worden van de schriftuurtermijn van art.437 lid 2 Sv. Inmiddels was evenwel de cassatieschriftuur van mr Franken al op 22 september 1999 ter administratie van de Hoge Raad ontvangen. Een reactie van mr Franken op de toezending in oktober van deze stukken is mij niet bekend. Als mr Franken alsnog had willen reageren en bijvoorbeeld aanvullend middelen had willen voorstellen zou het voor de hand hebben gelegen dat hij in zijn schriftuur had verzocht daarvoor gelegenheid te krijgen, zodra de verlangde stukken tot zijn beschikking waren gekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdcc92f5a87fbf0eb686f4cbdec2664e0f80fdddd1ccde66a21546352821fe2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdcc92f5a87fbf0eb686f4cbdec2664e0f80fdddd1ccde66a21546352821fe2e, en de alinea staat in dat document op bytes 9758 tot 11472.