Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6375.

15. Ik wil twee dingen vooropstellen. In de eerste plaats dat de telastelegging inderdaad niet getuigt van een zorgvuldige redactie en in de tweede plaats dat op innerlijke tegenstrijdigheid in feitelijke aanleg geen beroep is gedaan. Het laatste leidt niet zonder meer tot verwerping van het middel,8 het eerste niet zonder meer tot aanvaarding ervan. Het lijkt mij duidelijk dat er van een slordigheid van de steller van de telastelegging sprake is. De bedoeling is geweest om telaste te leggen dat verdachte heeft deelgenomen aan een organisatie die het oogmerk heeft gericht op het plegen van misdrijven. Die bedoeling komt niet duidelijk uit de verf. Toch wil ik niet voorstellen om alsnog de dagvaarding in zoverre nietig te verklaren wegens innerlijke tegenstrijdigheid. Twee mogelijkheden dienen zich aan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bdcc92f5a87fbf0eb686f4cbdec2664e0f80fdddd1ccde66a21546352821fe2e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bdcc92f5a87fbf0eb686f4cbdec2664e0f80fdddd1ccde66a21546352821fe2e, en de alinea staat in dat document op bytes 19042 tot 19868.