Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juli 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6376.

Ook wordt nog gesteld dat niet blijkt dat de (tijdelijke) arbeidsongeschiktheid van het slachtoffer wel het gevolg is geweest van het bewezenverklaarde feit. Die stelling komt, gelet op het bovenstaande, geen zelfstandig belang toe, waaraan ik voor de goede orde nog toevoeg dat kennisneming van het tijdens de behandeling in appèl aan de orde gestelde verslag van het slachtoffergesprek - dat zich bij de stukken bevindt - naar mijn inzicht wel degelijk uitwijst dat het slachtoffer heeft opgemerkt dat zij tot op dat moment (8 januari 1998) niet in staat was haar werkzaamheden te hervatten als gevolg van verzoekers handelen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5a0c1739f8420328e62752326ebc5510a0b9378643bab5a74b85645b0d1c7daf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5a0c1739f8420328e62752326ebc5510a0b9378643bab5a74b85645b0d1c7daf, en de alinea staat in dat document op bytes 26434 tot 27076.