Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2000

Alinea 47 Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juli 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA6527.

2.4 [Verweerder] voert terecht aan dat de door [eiseres] gestelde feiten niet tot de conclusie kunnen leiden dat de in de onderhavige akte van cessie bedoelde vordering rechtsgeldig is overgedragen. Onvoldoende weersproken is dat de cessie niet vóór het faillissement van Lagero Europe B.V. aan [verweerder] is meegedeeld en dat dus toen geen overdracht heeft plaatsgevonden. Een mededeling na dat faillissement stuit - naar [verweerder] terecht aanvoert - af op het bepaalde in art. 35 F. [Eiseres] meent kennelijk dat een erkenning van de akte van cessie door de curator in dat faillissement of de mededeling door mr Gelok aan [verweerder] dat hij met de akte van cessie bekend is voldoende zijn om de overdracht van de vordering te bewerkstelligen, doch die mening is onjuist. Indien mr Gelok de onderhavige vordering aan [eiseres] had willen overdragen had hij een akte van cessie moeten opstellen en dan had daarvan mededeling moeten worden gedaan aan [verweerder]. Een en ander is, naar tussen partijen vaststaat, niet gebeurd.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e033faf4fc5f7b01772dad2037cf9223d77518eaf0d8fd58a878a5e820bae3d0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e033faf4fc5f7b01772dad2037cf9223d77518eaf0d8fd58a878a5e820bae3d0, en de alinea staat in dat document op bytes 16199 tot 17252.