Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 september 2000
Alinea 72 Parket bij de Hoge Raad 20 september 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 september 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA7151.
5.7. Het arrest HR 30 juni 1999, nr. 34.374,25 betrof de aanslagtermijn van art. 11, lid 6, dan wel art. 16, lid 3, AWR jo. art. 66, lid 1, sub 1 SW. Een melding van overlijden was aan de inspectie (buitenlanders) te Brunssum gezonden. Deze inspectie had het bericht (ingekomen ter inspectie 20 juli 1988) niet doorgegeven aan de inspecteur registratie en successie te Rijswijk die bevoegd was tot heffing van het recht van overgang. Met ingang van 1 januari 1991 ging die bevoegdheid over op de eenheid te Brunssum. Met dagtekening 26 augustus 1994 werd een aanslag opgelegd. U overwoog dat het de inspecteur der directe belastingen (buitenlanders) te Brunssum redelijkerwijs duidelijk kon zijn dat recht van overgang verschuldigd kon zijn en dat het op zijn weg lag de inspecteur R&S in te lichten. Het niet bekend zijn met het overlijden moest voor rekening en risico van de belastingdienst blijven. U overwoog als volgt:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48e8b146a4d08c4fab1bb6f5e574b4a1cda4cbdb3b7937aade64a75307245443. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48e8b146a4d08c4fab1bb6f5e574b4a1cda4cbdb3b7937aade64a75307245443, en de alinea staat in dat document op bytes 33434 tot 34375.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48e8b146a4d08c4fab1bb6f5e574b4a1cda4cbdb3b7937aade64a75307245443 | shasum -a 256