Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA7479.
2.5. In het onderhavige geval is geen sprake van een verzoek van een van de in art. 4 Wet Bopz genoemde personen. De wettelijke termijn van vijf dagen is dus niet aan de orde. De periode tussen het geneeskundig onderzoek en het opmaken van de geneeskundige verklaring wordt in de wet niet in een maximum aantal dagen uitgedrukt en is omschreven als “kort tevoren”. Wat onder “kort tevoren” moet worden verstaan is in de parlementaire geschiedenis niet toegelicht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d83de4ea2803e9cf72818192aa20ba8e45e1425db760b46c3bf8fa07da0c75b5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d83de4ea2803e9cf72818192aa20ba8e45e1425db760b46c3bf8fa07da0c75b5, en de alinea staat in dat document op bytes 10298 tot 10783.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d83de4ea2803e9cf72818192aa20ba8e45e1425db760b46c3bf8fa07da0c75b5 | shasum -a 256