Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000

Alinea 56 Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA7481.

2.17 Aldus heeft de rechtbank in de keten van causale feiten wel het begin en het eind betrokken, te weten de wanprestatie van [eiser] tegenover respectievelijk [verweerder] c.s. en Nedgoed, doch niet het tussengelegen verzuim van [verweerder] c.s.. Deze laatstgenoemde omstandigheid verhinderde dat [eiser] een kans kreeg het pand te kopen in welk geval hij nooit ontruimd zou zijn. Het oordeel van de rechtbank is zonder nadere uitleg dan ook niet begrijpelijk nu de rechtbank eerder had overwogen dat de wanprestatie van [eiser] de aanbiedingsverplichting van [verweerder] c.s niet opschortte en er zonder nader feitelijk onderzoek niet vanuit kan worden gegaan dat [eiser] het pand - indien het hem zou zijn aangeboden - niet had verworven. Dit klemt temeer, nu de rechtbank in rechtsoverweging 9 het verweer van [verweerder] c.s. dat zij uit de gedragingen van [eiser] mochten afleiden dat hij geen interesse (meer) had in het pand, heeft verworpen

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c233a4cbf4b5a8a3d1f98b8c776b865d570ac919d0be78a141b426daa37ad4b8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c233a4cbf4b5a8a3d1f98b8c776b865d570ac919d0be78a141b426daa37ad4b8, en de alinea staat in dat document op bytes 22933 tot 23901.