Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2000

Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA7833.

3.5. Maar heeft het Hof in r.o. 5.1. werkelijk bedoeld wat belanghebbende erin leest? Ik acht het niet uitgesloten dat het Hof slechts tot uitdrukking heeft willen brengen dat belanghebbende voor de inkomstenbelasting de status van ondernemer heeft gekregen, doordat hij zich als pachter in de plaats van zijn vader heeft doen stellen en hij daarmee een eerste en essentiële stap heeft gezet om uiteindelijk te komen tot de overname van de veehouderij. In deze gedachtegang is belanghebbende ondernemer geworden. Niet omdat hij is gaan deelnemen in een (objectieve) onderneming welke voordien slechts één winstgenieter in fiscale zin kende, maar omdat hij beoogde de veehouderij voor eigen rekening - alleen - voort te zetten en hij aan dit oogmerk een begin van uitvoering heeft gegeven. Deze redenering zou geheel in overeenstemming zijn met het arrest BNB 1972/173 en de rechtspraak genoemd onder 2.8. en 2.9. hiervoor, mede in aanmerking genomen dat de pachtrechten betreffende de hoeve een belangrijk, zo niet het belangrijkste, bedrijfsmiddel van de veehouderij vormden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6cb4e975153f3b8bf3633c79ee2276408be9bdbaa66791c2a0770e4dcc16c8c9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6cb4e975153f3b8bf3633c79ee2276408be9bdbaa66791c2a0770e4dcc16c8c9, en de alinea staat in dat document op bytes 28836 tot 29929.