Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2000

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA7914.

Door [verweerster] is terecht aangevoerd dat de voorschriften van de hinderwetvergunning niet zijn geschreven voor de rechtsrelatie tussen de procespartijen. Daaraan doet echter niet af dat schending van deze voorschriften respectievelijk, algemener, de gang van zaken en wijze van werken in de produktieruimte bij [verweerster] "merkelijke schuld" kan opleveren in de zin van art. 294 K. Daartoe dient echter tenminste vast te staan dat de brand door deze gang van zaken/wijze van werken is veroorzaakt en/of dat de omvang van de (brand)schade daardoor is beïnvloed. Het bewijs hiervan rust in beginsel op Amev. Het bewijs kan voorshands niet geput worden uit de overgelegde stukken, met name niet nu de (wederzijdse) deskundigen verdeeld zijn over het antwoord op de vraag of een technische oorzaak van de brand is uit te sluiten, respectievelijk of de omvang van de brand(schade) door deze gang van zaken/wijze van werken aanmerkelijk is vergroot" (rov. 2.8).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/37a0e2cde2226e3e2847c25091c7e8263915b49e45b7727df81176d1e12091eb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 37a0e2cde2226e3e2847c25091c7e8263915b49e45b7727df81176d1e12091eb, en de alinea staat in dat document op bytes 10537 tot 11513.