Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000
Alinea 37 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8072.
3.1. De onteigeningsrechter is volgens art. 54t jo. 37, tweede lid, Onteigeningswet (Ow), zoals door u geïnterpreteerd,1 gehouden bij één en hetzelfde vonnis uitspraak te doen over de totale aan de onteigende partij en derden-belanghebbende toekomende schadeloosstellingen. Daarbij is voor eindbeslissingen die de zaak slechts ten dele tot een eind brengen in beginsel geen plaats. In de onderhavige zaak heeft de rechtbank - uiteindelijk - in één vonnis de totale schade vastgesteld. Daarbij zijn sommige geschilpunten afgedaan met de overweging dat op die punten bij een eerder (dus tussen-)vonnis reeds een eindbeslissing was gegeven. De rechtbank lijkt zichzelf dus gebonden geacht te hebben aan haar oordelen in het eerste tussenvonnis. Voor een dergelijke binding is in onteigeningszaken echter geen plaats. U zie bijvoorbeeld uw arrest van 14 november 1962, NJ 1963/17, met conclusie Bakhoven, waarin u overwoog:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f, en de alinea staat in dat document op bytes 12036 tot 12973.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f | shasum -a 256