Citaat | Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000
Alinea 66 Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 18 oktober 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8072.
4.6. De tweede klacht betreft het oordeel dat Stena Line ook los van de onteigening het bunkerterrein in erfpacht aangeboden zou hebben gekregen. De derde klacht betreft het oordeel dat Stena Line ook los van de onteigening op zo’n aanbod ingegaan zou zijn. Ik acht het eerstgenoemde oordeel onaannemelijk, maar dat is geen reden voor cassatie. Het is in het licht van de vastgestelde feiten niet onbegrijpelijk of onvoldoende gemotiveerd, met name niet gezien de omstandigheid dat er geen dringende reden is om Stena Line’s “zieligheidsfactor” tegenover de aanbieder van het bunkerterrein groter te achten in het geval van onteigening dan in het geval waarin Stena Line - over enige jaren - uit het (niet-onteigende) NS-terrein zou groeien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f, en de alinea staat in dat document op bytes 27991 tot 28753.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a7dc6c8d1f99133081d92ca88974932aae2ff5f169d50817b464719742f47e6f | shasum -a 256