Citaat | Parket bij de Hoge Raad 10 november 2000

Alinea 46 Parket bij de Hoge Raad 10 november 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 10 november 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8256.

2.17. Het hof heeft in rov. 3.18 terecht vooropgesteld dat het hier niet om een retributiestelsel gaat: of [eiser] van de hem aangeboden inzamelingsdienst gebruik wil maken, en zoja, in welke mate, is niet bepalend. In onderdeel 4 is echter de vraag, wat rechtens is indien de inzamelingsdienst niet eens aangeboden wordt. Het middel beroept zich op het arrest HR 15 februari 1984, NJ 1986, 491. In dat arrest werd inderdaad overwogen dat een op art. 62 van de Afvalstoffenwet gebaseerde afvalstoffenheffing strekt ter bestrijding van de kosten die door de desbetreffende gemeente zijn verbonden aan de verwijdering van de in die bepaling bedoelde afvalstoffen, zodat die heffing niet los kan worden gezien van de nakoming van de hiervoor vermelde verplichting. Het ging in dat geval om een perceel waar helemaal geen inzameling plaats vond omdat het te ver van de openbare weg was gelegen. In zijn noot in BNB steunt Hofstra deze uitspraak: als de gemeente geen kosten heeft aan de vuilnisinzameling, behoort zij ook geen belasting te dier zake te heffen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6811b22936c9e1823c37f947ce56832083acbff630f99456f185803e73575263. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6811b22936c9e1823c37f947ce56832083acbff630f99456f185803e73575263, en de alinea staat in dat document op bytes 24448 tot 25517.