Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 november 2000

Alinea 175 Parket bij de Hoge Raad 15 november 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 november 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8315.

4.13. Men moet Bellingwout toegeven dat hier in de memorie van antwoord onmiskenbaar ervan wordt uitgegaan dat voor een eindafrekening geen plaats is zolang ten minste een deel van de onderneming in Nederland wordt uitgeoefend. De toenmalige bewindslieden van financiën zagen dus klaarblijkelijk geen ruimte voor een partiële toepassing van art. 7, tweede lid, van het Besluit IB 1941.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ed65bea0c032196710196fc77a8be3e25da130df974861b8d08e02551c023d4a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ed65bea0c032196710196fc77a8be3e25da130df974861b8d08e02551c023d4a, en de alinea staat in dat document op bytes 64166 tot 64566.