Citaat | Parket bij de Hoge Raad 17 november 2000
Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 17 november 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 17 november 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8364.
3.8 Alvorens over te gaan tot bespreking van de overige klachten van het tweede middel welke betrekking hebben op de vraag of de weg voldeed aan de eisen die men daaraan mag stellen ga ik in op onderdeel 5 dat de verste strekking heeft. Onderdeel 5a richt zich tegen de overweging van het Hof dat onder "weg" in de zin van art. 6:174 BW mede dient te worden verstaan de aangrenzende berm. Dit is volgens het onderdeel onjuist althans onvoldoende gemotiveerd. 's Hofs oordeel dat tegen de overweging van de Rechtbank dat beide partijen ervan uitgaan dat de bermen deel uitmaken van de weg niet is opgekomen, is niet relevant, aldus het onderdeel. Het gaat hier volgens het onderdeel niet om enig feitelijk of juridisch geschilpunt tussen partijen zodat het Hof niet was gebonden aan deze vaststelling.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3e22bfb73f2e04f6a8aab42c307a2e79679bcc565b92841bee9dae3e0310863d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3e22bfb73f2e04f6a8aab42c307a2e79679bcc565b92841bee9dae3e0310863d, en de alinea staat in dat document op bytes 21253 tot 22066.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3e22bfb73f2e04f6a8aab42c307a2e79679bcc565b92841bee9dae3e0310863d | shasum -a 256