Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 november 2000

Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 22 november 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 november 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8424.

"(...) Van belanghebbende had, omdat hij was erkend als gemoedsbezwaarde, geen premie volksverzekeringen maar premievervangende inkomstenbelasting moeten worden geheven. Toen aan hem niettemin op de voet van (art.) 62 (Wet IB 1964) één aanslag was opgelegd voor het gezamenlijke bedrag van de door hem verschuldigde inkomstenbelasting en een bedrag aan premie volksverzekeringen, diende de Inspecteur die onjuiste aanslag te herzien. (...) (H)et voorschrift van (...) (art.) 62 in samenhang met de artikelen 20 en 21 van de Wet financiering volksverzekeringen noopt een inspecteur ertoe bij een dergelijke herziening de onjuiste gezamenlijke aanslag te vernietigen en alsnog een juiste aanslag op te leggen voor het gezamenlijke bedrag van de inkomstenbelasting en de premievervangende belasting. (...)."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a4e77107f9ab362dbde7ac228333c11eb12c9e9f5981dde732b0eb83ad6aed4e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a4e77107f9ab362dbde7ac228333c11eb12c9e9f5981dde732b0eb83ad6aed4e, en de alinea staat in dat document op bytes 21680 tot 22501.