Citaat | Parket bij de Hoge Raad 13 december 2000
Alinea 66 Parket bij de Hoge Raad 13 december 2000
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 13 december 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA8985.
4.7. Het geheel overziende neig ik ertoe de onderhavige kwestie net zo op te lossen als het CBB deed in zijn hiervoor genoemde uitspraak.30 Dat geldt dan voor alle beschikkingen waaraan hetzelfde (bevoegdheids)gebrek kleeft: de intrekking van WOZ-beschikking I, de uitspraak op het daartegen gerichte bezwaarschrift en WOZ-beschikking II. Met art. 6:22 Awb kunnen al deze gebreken worden geheeld, nu belanghebbende daardoor niet wordt benadeeld. Vernietiging van die besluiten dient ook geen redelijk doel aangezien het bevoegde orgaan (de heffingsambtenaar) ongetwijfeld de besluiten van het hiërarchisch boven hem gestelde College zou overnemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ebdf4d7a20c1f215e2ab83690b0130ac1ad96a4aad5ec0c78a1b54f8f2192573. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ebdf4d7a20c1f215e2ab83690b0130ac1ad96a4aad5ec0c78a1b54f8f2192573, en de alinea staat in dat document op bytes 32776 tot 33437.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ebdf4d7a20c1f215e2ab83690b0130ac1ad96a4aad5ec0c78a1b54f8f2192573 | shasum -a 256