Citaat | Parket bij de Hoge Raad 15 december 2000

Alinea 45 Parket bij de Hoge Raad 15 december 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 15 december 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA9039.

2.13. De SBA bepleit een regeling overeenkomstig die van art. 66a K. Het onderliggende argument is, dat het voor een controlerende instelling (als de SBA) gemakkelijker is om na te gaan wie bestuurder van een rechtspersoon is dan om na te gaan wie feitelijk de werkzaamheden uitvoert of daaraan leiding geeft. Dit praktische argument weegt zwaar, maar vindt onvoldoende steun in de thans geldende wet op de architectentitel. Het voeren van de titel brengt, zoals gezegd, niet de openlijke pretentie met zich mee dat meer dan de helft van de bestuurders geregistreerd architect is. Indien het inderdaad in de praktijk ondoenlijk zou blijken om de bescherming van de titel te handhaven, verdient een nieuwe regeling door de wetgever de voorkeur. Daarbij kan rekening worden gehouden met andere varianten, waarvan hierboven enkele zijn genoemd, en met mogelijke complicaties, zoals bijv. in het geval de bestuurders van de rechtspersoon op hun beurt ook weer rechtspersonen zijn. De wetgever is beter dan de rechter toegerust om hiervoor een regeling te treffen en om daartoe overleg te voeren met de belanghebbenden. De slotsom van het voorgaande is, dat de onderdeel 1 van het incidenteel middel niet tot cassatie leidt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c090659f3e3fd18211c11c8fd539b805dd0490d0e179a80a85932e60353569ab. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c090659f3e3fd18211c11c8fd539b805dd0490d0e179a80a85932e60353569ab, en de alinea staat in dat document op bytes 23735 tot 24968.