Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Alinea 31 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA9100.

2.6. Niet alleen naar oud recht, maar ook naar nieuw recht kan tegen een uitspraak op (een al dan niet gegrond bevonden) verzet beroep in cassatie worden ingesteld. Art. 28, lid 1, AWR regelt thans tegen welke uitspraken beroep in cassatie openstaat. Daartoe behoort de schriftelijke uitspraak van het hof, gedaan overeenkomstig afd. 8.2.6 Awb. Dat is niets nieuws, want al bekend uit het vervallen art. 19, lid 1, Wet ARB. Het gaat hier om de 'gewone' schriftelijke uitspraak (art. 8:66 Awb), de schriftelijke uitspraak die een mondelinge uitspraak vervangt (art. 8:67 Awb jo. art. 27d AWR) en de schriftelijke uitspraak op verzet (art. 8:55 jo. art. 8:66 Awb). Dat ook tegen de schriftelijke uitspraak op verzet beroep in cassatie openstaat, is voor de fiscalist niet opzienbarend, aangezien dat - zoals wij al zagen - onder het oude recht ook al zo was. Toch gaat het hier om een uitzondering op de algemene regel dat tegen een uitspraak op verzet geen hoger beroep kan worden ingesteld(7). De wetgever licht deze uitzondering als volgt toe:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2feee46abfe61a4b0a3b37d21648c567aa0bc99514a3292e46b1b47539a1146f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2feee46abfe61a4b0a3b37d21648c567aa0bc99514a3292e46b1b47539a1146f, en de alinea staat in dat document op bytes 11619 tot 12676.