Citaat | Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 20 december 2000, ECLI:NL:PHR:2000:AA9970.

3.8 De litigieuze onteigening vloeit voort uit de uitvoering van een bestemmingsplan. De Kroon toetst niet alleen of het bestemmingsplan een publiek belang dient, maar ook of de door de gemeente voorgestane uitvoering van een bestemmingsplan een publiek belang dient; zie bijvoorbeeld KB 1 oktober 1993, Stcrt. 207, Bouwrecht 1994 blz. 335, m.nt. Revermann. De gemeente had met een bouwconsortium een leveringsovereenkomst gesloten. Daarin had de gemeente zich verplicht alle in een specifiek bestemmingsplan voor een bedrijvenpark bestemde gronden te leveren aan dit consortium. Een belanghebbende voerde aan dat hij de bestemming zelf kon realiseren zodat er geen noodzaak tot onteigening bestond. De Kroon achtte aannemelijk dat de onteigening diende ter nakoming van een door de gemeente aangegane privaatrechtelijke verplichting. Met de door de gemeente voorgestane wijze van uitvoering van het bestemmingsplan was niet een zodanig publiek belang van de gemeente betrokken, dat het privébelang van degene die bezwaar had tegen de onteigening, daarvoor zou moeten wijken. Revermann annoteert:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b6a0dceae63eb43442064d10951df36079cba5d3bd911d832c90a39b3bd8d734. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b6a0dceae63eb43442064d10951df36079cba5d3bd911d832c90a39b3bd8d734, en de alinea staat in dat document op bytes 25385 tot 26495.